ECN publicatie: facebook
Titel:
Eindrapportage ontwikkeling regionaal stikstofplafond
 
Auteur(s):
Bleeker, A.; Hensen, A.; Rougoor, C.
 
Gepubliceerd door: Publicatie datum:
ECN Environment & Energy Engineering 13-2-2013
 
ECN publicatienummer: Publicatie type:
ECN-E--13-007 ECN rapport
 
Aantal pagina's: Volledige tekst:
102 Download PDF  (2916kB)

Samenvatting:
Door menselijk handelen is sinds het midden van de vorige eeuw de jaarlijkse productie van reactief stikstof (Nr: verzamelnaam voor verschillende stikstofverbindingen die gemakkelijk in elkaar overgaan) meer dan verdubbeld. De door de mens bij de landbouwproductie en het verbranden van fossiele brandstoffen geproduceerde hoeveelheden overtreffen inmiddels de natuurlijk productie van Nr ruimschoots. Omdat Nr gemakkelijk chemische verbindingen aangaat en zich gemakkelijk verplaatst heeft het allerlei effecten op de kwaliteit van lucht, water en bodem. Dit leidt vervolgens weer tot nadelige gevolgen zoals schade aan de menselijke gezondheid, verlies van biodiversiteit en klimaatverandering. De interacties tussen de verschillende stikstofverbindingen kunnen er de oorzaak van zijn dat maatregelen genomen voor een Nr component negatief uitpakken voor een andere component. Zo kunnen bijvoorbeeld maatregelen om de ammoniakemissie te reduceren leiden to meer nitraatuitspoeling en/of lachgasemissie. Deze (meestal onbedoelde) ‘afwenteling’ kan er voor zorgen dat een maatregel minder goed uitpakt dan initieel gedacht. De ‘plafondbenadering’ beoogd deze afwentelingen zichtbaar te maken voor te nemen maatregelen. Hierbij maakt het in principe niet uit op welke manier het probleem aangepakt wordt, zolang er maar voldaan wordt aan de eis dat een bepaald plafond niet overschreden wordt. Door gebruik te maken van de optelsom van het gat tot doelbereik voor de verschillende stikstofeffecten (de zogenaamde distance to target aanpak) en hierop te optimaliseren, wordt het maatschappelijk nut van het maatregelpakket gegarandeerd. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dan wel dat er adequate informatie beschikbaar is over de verschillende relevante interacties. Deze rapportage beschrijft de ontwikkeling van een methodiek waarbij integrale stikstofplafonds op gebiedsniveau kunnen worden bestudeerd. Dit onderzoek beschouwt, naast landbouw, ook andere sectoren (verkeer, industrie, etc.) voor het ontwikkelen van de stikstofplafond methodiek. Het onderzoek bestaat uit twee onderdelen: bestuderen van de haalbaarheid van een stikstofplafond systematiek en het feitelijke ontwikkelen van een dergelijke systematiek. Op basis van het eerste onderdeel van de studie zijn een aantal punten gedefinieerd die bij het opzetten van de methodiek zijn meegenomen. Uitgangspunt was dat het systeem fungeert als beleidsindicator, die antwoord geeft op de vraag “hoe verhouden de huidige stikstofemissies zich tot de stikstofdoelen en wat is de kostenefficiëntie van mogelijke reductiemaatregelen. Volgens de aanbevelingen van de eerste fase dient het totale systeem inzicht te geven in: • De effectiviteit van verschillende stikstofmaatregelen, rekening houdend met interactie tussen actoren en tussen emissies. • De doeltreffendheid van de methodiek ‘Distance To Target’ (DTT). • Inzicht in optimaal schaalniveau van het stikstofplafond. • De haalbaarheid: wat is de administratieve lastendruk, de kosten, is voldoende kwantitatieve informatie beschikbaar? • De mogelijke meerwaarde van een N-plafond. Zijn actoren daadwerkelijk beter af, c.q. goedkoper uit? Na het doorlopen van de tweede fase van dit project en het uitwerken van een aantal regionale case studies, is het duidelijk geworden dat het hier beschreven systeem van een integraal N-plafond vanuit het oogpunt van een ‘beleidsindicator’ een duidelijke meerwaarde heeft. Het levert namelijk inzicht in de manier waarop vanuit een dergelijke integrale benadering, maatregelen op een kosteneffectieve manier kunnen worden ingezet. Bestaande en nieuwe maatregelen kunnen via deze methodiek op een relatief eenvoudige manier beoordeeld worden voor wat betreft hun toepasbaarheid in specifieke situaties. Vanwege het integrale karakter van het systeem worden negatieve afwentelingseffecten voorkomen. Voor de succesvolle toepassing van deze methodiek is de databeschikbaarheid op lokaal schaalniveau een belangrijke voorwaarde.


Terug naar overzicht.