ECN publicatie: facebook
Titel:
Advies WKK MEP-tarief 2004
 
Auteur(s):
 
Gepubliceerd door: Publicatie datum:
ECN Beleidsstudies 1-5-2004
 
ECN publicatienummer: Publicatie type:
ECN-C--04-049 ECN rapport
 
Aantal pagina's: Volledige tekst:
37 Download PDF  (230kB)

Samenvatting:

Vanaf 1 juli 2004 geldt de vernieuwde MEP-regeling voor WKK waarin de bijdrage van WKK-installaties aan de CO2-emissiereductie wordt beloond. Dit gebeurt door middel van de zogenaamde CO2-index, een maat voor de milieuprestatie van een WKK-installatie ten opzichte van het beste alternatief in hetzelfde bouwjaar voor gescheiden opwekking van elektriciteit en warmte. Deze milieuprestatie wordt uitgedrukt in een hoeveelheid blauwe ofwel CO2-neutrale kilowatturen. Het nieuwe MEP-tarief voor WKK is een bedrag in eurocenten per blauwe kilowattuur.

 

Om het MEP-tarief voor 2004 te bepalen dient allereerst een inschatting te worden gemaakt van het aantal blauwe kilowatturen voor 2004. Hiervoor is gebruik gemaakt van een aantal verschillende statistieken, waaronder de CBS WKK-statistieken en cijfers vanuit de WKK-sector zelf (COGEN). Deze statistieken geven het aantal blauwe kilowatturen voor het jaar 2002. Om de resultaten van 2002 te vertalen in een schatting voor 2004 is inzicht verkregen in de ontwikkelingen voor 2003 en 2004 voor wat betreft het opgesteld vermogen van WKK en het aantal draaiuren per sector.

 

De statistieken en de geschetste ontwikkelingen leiden uiteindelijk tot een schatting van 4,7 TWh aan blauwe kilowatturen (aan het net geleverd en eigen gebruik) voor 2004 die in aanmerking komen voor subsidie. Het MEP-tarief is bepaald op basis van het aantal netgeleverde kilowatturen:

· 3,6 TWh aan netgeleverde blauwe elektriciteit resulteert in een MEP-tarief van 2,58 cent per blauwe kilowattuur (op basis van een beschikbaar budget van 94 miljoen euro)

· De resterende 1,1 TWh aan eigen gebruik van blauwe elektriciteit wordt gestimuleerd op basis van hetzelfde tarief, resulterend in een additioneel budget van 28 miljoen euro.

 

Het voorgestelde MEP-tarief van 2,58 ct/kWh is vervolgens getoetst aan de regels van het Europese Milieusteunkader. Voor WKK betekent dit dat maximaal 50% van de onrendabele top met de MEP gedekt mag worden.

 

De berekening van de onrendabele top zijn gemaakt aan de hand van een aantal WKK-referentiecases. Om er voor te zorgen dat deze WKK-referentiecases een realistisch beeld van de huidige situatie schetsen, zijn een aantal aanpassingen gepleegd ten opzichte van gegevens die in het verleden bij gelijksoortige berekeningen zijn gebruikt. Deze aanpassingen hebben betrekking op het aantal draaiuren in relatie tot recente fysieke monitoring gegevens, kosten voor beheer en onderhoud en investeringskosten van de betreffende referentiecases en de wijze waarop back-up kosten voor niet geleverde elektriciteit aan derden wordt meegenomen. Het resultaat van de onrendabele top berekeningen voor de WKK-cases die steun ontvangen in het kader van de MEP volgt uit Tabel S.1.

 

Tabel S.1       Invloed MEP-tarief op onrendabele top voor referentie cases

Type

Case

CO2-index

Onrendabele top 2004

excl. MEP

incl. MEP (2,58 ct/kWh)

dekking door MEP

 

 

[%]

[ct/kWh]

[ct/kWh]

[%]

GT/AK22

3

21,7

1,60

1,04

35

STEG50/0.5

6

6,0

2,54

2,39

6

STEG70/0.5

7

6,0

2,03

1,87

8

STEG70/0.8

8

14,4

1,97

1,59

19

Gasmotor tuinder (1 MWe)

15

29,5

3,17

2,40

24

STEG = stoom- en gasturbine, GT/AK = gasturbine/afgassenketel

Uit de berekeningen blijkt dat de dekking van de onrendabele top door de MEP binnen de 50% toegestane dekking valt. Verder valt op dat er grote verschillen zijn in dekkingspercentage (varierend tussen 6 tot 35%) tussen de onderlinge cases. Deze verschillen zijn met name toe te schrijven aan de verschillen in de CO2-index. Hierdoor worden WKK-installaties met een relatief hoge CO2-index meer ondersteund dan WKK-installaties met een relatief lage CO2-index. Dit is in lijn met de doelstelling van de vernieuwde MEP-regeling.


Terug naar overzicht.