Reactie van ECN op brief van Nationaal Kritisch Platform Windenergie

maandag 7 oktober 2013 13:20

Verschillende media hebben afgelopen weekeinde in hun berichtgeving aandacht gegeven aan een brief van elf leden van het Nationaal Kritisch Platform Windenergie (NKPW) aan minister Kamp betreffende de kosten van het energieakkoord. Daarin werd gesuggereerd dat ECN “gekleurde informatie” verstrekt die door de SER is overgenomen. ECN streeft naar transparante en objectieve informatie over de omschakeling naar een duurzame energievoorziening. Het heeft voor ECN toegevoegde waarde dat onze rapportages kritisch bestudeerd worden door externe partijen. De suggestie van ‘gekleurde informatie’ verwerpt ECN evenwel.

De briefschrijvers plaatsen kanttekeningen bij het in de berekeningen gebruikte investeringsbedrag voor windenergie, met name die voor windenergie op zee. Voor berekening van de effecten van het energieakkoord tot 2020 heeft ECN een inschatting gemaakt van de extra investeringen in windparken bovenop wat met het bestaande beleid al verwacht werd. In haar berekening houdt ECN rekening met leereffecten door technologische en financiële innovaties, waardoor investeringsbedragen in de toekomst afnemen. ECN sluit aan bij internationale studies op dit gebied. Veel van het windenergieonderzoek richt zich hier ook op. Tevens verwerkte ECN in de berekeningen hogere kosten van plaatsing in dieper water verder van de kust. De briefschrijvers hebben een ander toekomstbeeld waarin zij geen enkele kostendaling verwachten. Dit verklaart  een deel van het verschil.


Een tweede belangrijk onderscheid is dat de rapportage van ECN betrekking heeft op de additionele effecten van het Energieakkoord tot 2020. Niet alle energie-ontwikkelingen tot 2020 worden toegerekend aan het Energieakkoord. Bovendien  valt een groot deel van de investeringen in windenergie op zee door de afspraken in het Energieakkoord pas na 2020 en tellen dus niet mee voor de economische effecten tot 2020. 


Tenslotte maken de briefschrijvers een kanttekening bij de gebruikte capaciteitsfactor voor wind op land, de productie (benutting) per eenheid vermogen. Zij gaan daarbij uit van slechts een beperkte verbetering ten opzichte van het huidige gemiddelde. De laatste paar jaar is een verbeteringsslag gemaakt in de windenergie: grote rotoren met wat kleinere turbines, waarmee een 34-46% capaciteitsfactor kan worden bereikt. Anders dan de briefschrijvers houdt ECN er bovendien rekening mee dat ongeveer een kwart van de al bestaande windmolens voor 2020 aan vervanging toe is en vervangen wordt door verbeterde nieuwe. De nieuwe SDE+ systematiek stimuleert niet meer de capaciteit, maar de effectieve benutting daarvan in verbeterde turbines. Dit is in de ECN-berekeningen verwerkt. 

Categorie: Corporate, Beleidsstudies, Windenergie