Feiten en fabels over het gebruik van biomassa

maandag 7 juli 2014 16:40

De discussie over het gebruik van biomassa is ingewikkeld en vraagt om een genuanceerde benadering. Maar hoe je het ook wendt of keert: Nederland heeft biomassa hard nodig om zijn doelstellingen voor het gebruik van duurzame energie te behalen. Omdat er nogal wat misvattingen bestaan over biomassa, halen Mark Overwijk en Jaap Kiel van ECN fabels en feiten uit elkaar.

Fabel 1: Biomassa is hout

Feit: Biomassa is veel meer dan alleen hout. In feite is het alles wat groeit en bloeit. Alles wat je daarvan op een duurzame manier kunt gebruiken voor het opwekken van energie of het produceren van materialen is bruikbare biomassa. Of het nu gaat om productiebossen, graslanden, akkers met lijnzaad of residuen uit de landbouw. Ook afval van hout of planten valt eronder. Die biomassa moet natuurlijk wel voldoen aan duurzaamheidscriteria. Van dat alles kun je biobrandstoffen maken, zoals ethanol uit suikerbieten, of aardgas uit hout en stro. Maar je kunt er ook chemicaliën en materialen zoals kunststof van maken.

Fabel 2: Biomassa speelt slechts een marginale rol in de toekomstige overstap naar duurzame energie

Feit: In het Nederlandse Energieakkoord is afgesproken dat in 2020 het aandeel duurzame energie 14 procent moet zijn en in 2023 16 procent. Bijna de helft van die duurzame energie moet uit biomassa komen. Om precies te zijn 6,7 procent van de totale energievoorziening in 2020 en 7,5 procent in 2023. In alle scenario’s tot 2050 zit een grote component bio-energie. Die hebben we dus keihard nodig.

Fabel 3: Biomassa gaat ten koste van voedselproductie en bestaande bossen en oerwouden

Feit: Je hebt duurzame biomassa en niet-duurzame biomassa. De misstanden die vaak geschetst worden gaan over niet-duurzame biomassa. Verdringing van voedselproductie of de grootschalige kap van tropisch regenwoud is onacceptabel. Niemand wil dat mensen honger lijden of te veel voor hun voedsel moeten betalen omdat die in onze benzinetank verdwijnt. Je kunt ook prima energie winnen uit de niet-eetbare restanten van voedselgewassen of speciale energiegewassen telen op land dat minder geschikt is voor voedselproductie. Daar moet je goede duurzaamheidscriteria voor afspreken.

Fabel 4: In Nederland kunnen we niet genoeg biomassa produceren

Feit: Dat klopt. Een dichtbevolkt land als Nederland heeft niet genoeg landoppervlak beschikbaar om voldoende biomassa te produceren. Dat geldt voor meer dichtbevolkte landen. Maar we kunnen wel een eind komen. We moeten restanten uit de land- en bosbouw optimaal benutten. De landbouw moet ervan bewust raken dat niet alleen de suikerbiet als grondstof voor voedsel waardevol is, maar dat je ook uit het bietenloof energie kunt winnen. Dat is nodig om voldoende duurzame biomassa te kunnen oogsten. Maar zelfs dan nog zal Nederland biomassa moeten importeren. Is dat erg? Niet als dat op een duurzame manier gebeurt. Als we er niet met zijn allen aan gaan werken, is er in elk geval nooit genoeg duurzame biomassa om de klimaatdoelen te halen en onze maatschappij te verduurzamen.

Fabel 5: We hebben geen biomassa nodig. Wind- en zonne-energie zijn voldoende om in de toekomst duurzame energie te leveren

Feit: Windturbines en zonnepanelen leveren elektriciteit. Het grootste deel van het energieverbruik van huishoudens, de industrie en de transportsector bestaat echter uit aardgas, olie en andere vloeibare brandstoffen. Meer dan 85% van de gewonnen olie is voor energieverbruik. Die brandstoffen kunnen zonder hoge kosten en met behoud van prestaties vervangen worden door bio-energie. De technieken bestaan al. Alles wat uit de olie-industrie komt is vervangbaar door biomassa. Uit alle toekomstscenario’s blijkt, dat bio-energie een belangrijk bijdrage moet leveren aan de toekomstige energievoorziening. Daarom zijn én zon, én wind én biomassa nodig.

Fabel 6: Biomassa is te waardevol om voor energiedoeleinden te gebruiken

Feit: Je kunt biomassa gebruiken voor hoogwaardige toepassingen zoals chemicaliën, veevoeder of kunststof. Die staan hoger op de zogeheten waardepiramide dan energie. Maar het een hoeft het ander niet uit te sluiten. Voor hoogwaardige toepassingen zijn vaak minder grote hoeveelheden biomassa nodig. Ook is niet iedere soort biomassa economisch of technisch geschikt voor de meest hoogwaardige toepassingen, maar wel inzetbaar voor bio-energie. Daarom kan en moet duurzame biomassa over de hele piramide maximaal gebruikt worden voor alle toepassingen: van productie van chemicaliën tot energie.

Figuur: Een waardepiramide voor het gebruik van biomassa

Meer informatie?
Wilt u meer weten over biomassa of uw mening over de feiten en fabels bespreken? Mark Overwijk en Jaap Kiel van ECN gaan graag met u in gesprek.

 

 

Categorie: Corporate, Biomass