Wim Sinke

In oktober 2011 vroeg het Topteam Energie mij om als trekker op te treden voor het opstellen van een zogenaamd Innovatiecontract Zonne-energie, een plan voor een omvangrijke publiek-private samenwerking. Een belangrijke maar ook zeer uitdagende taak, want de zonne-energiesector is breed en nog vrij gebrekkig georganiseerd. Het was een uitnodiging die ik echter niet kon maar natuurlijk ook niet wilde afslaan.

Toekomst

Dit gaat immers om de toekomst van zonne-energie in Nederland en ook om de toekomst van ECN: de innovatiecontracten moeten het raamwerk gaan vormen voor R&D in Nederland. Gelukkig was Albert Hasper, CEO van Tempress Systems, een belangrijke leverancier van productiesystemen voor de zonnecelindustrie, bereid om mijn partner-trekker te worden. Verder hebben we kunnen rekenen op de enorme inzet van collega’s binnen en buiten ECN.

Indrukwekkende investering

Te midden van de meer gevestigde energiesectoren is het belangrijk dat de nog jonge zonne-energiesector met één mond spreekt en laat zien wat hij in huis heeft. Het Innovatiecontract bood daarvoor een kans. Na intensieve discussies tussen industrie, onderzoekswereld en andere belanghebbenden konden we half december een eerste versie van het contract indienen. Hoewel ‘zonne-energie’ een heel scala aan technieken omvat, hebben we ons uiteindelijk geconcentreerd op zonnestroom (fotovoltaïsche omzetting; PV) en op gecombineerde opwekking van zonnestroom en zonnewarmte. Andere vormen van zonne-energie worden door andere contracten gedekt.

Nieuwe banen

De algemene ambities van de PV-sector die via uitvoering van het Innovatiecontract gerealiseerd moeten worden, betreffen het stimuleren van de economie en de verduurzaming van de energievoorziening. Concreet gaat het om een groei van 2000 banen nu naar 10.000 banen in 2020 en om een toename van het opgesteld vermogen aan zonnestroomsystemen van 100 megawatt nu naar 4000 megawatt (4 gigawatt) in 2020. Deze ambitie werd ondersteund door de intentie van de particuliere sector om de komende vijf jaar 100 miljoen euro te investeren, onder de voorwaarde dat de overheid daar voldoende publieke middelen tegenover zet. Dat is indrukwekkend!

Bloed, zweet en tranen

Ons eerste voorstel is op hoofdlijnen beoordeeld en we werden uitgenodigd om op 15 februari een definitief contract in te dienen, met een verdere uitwerking van de plannen en met harde toezeggingen in plaats van intenties. Na weer een ronde van intensieve discussies met bedrijven, universiteiten en andere betrokken partijen en met bloed, zweet en tranen, is het gelukt om op tijd een breed gedragen, kwalitatief hoogwaardig en zeer ambitieus contract te presenteren. Een prestatie die onderstreept dat de zonne-energiesector de moeite van het ondersteunen waard is. Nederland is tot nu toe weliswaar een kleine speler qua toepassing van zonnestroomsystemen, maar ons land heeft een mondiale toppositie op het gebied van kennis en technologie. De markt voor systemen kan razendsnel gaan groeien nu zonnestroom sinds kort kan concurreren met consumentenprijzen van grijze stroom. Genoeg aanleiding dus om onze toppositie te benutten.

Steun uit onverwachte hoek

Terwijl we werkten aan ons contract, kregen we onverwachte steun van het rapport Solar Energy Perspectives van de International Energy Agency (IEA). Het rapport bevat de eerste diepgaande IEA sectoranalyse en het schetst een stralende toekomst voor alle vormen van zonne-energie. Het is ook het eerste document dat een concrete rol ziet weggelegd voor zonnebrandstoffen. Er wordt zelfs een toekomst beschreven waarin de helft van alle elektriciteit die we op de hele wereld gebruiken uit zonne-energie komt, wat voor PV neerkomt op een groei van de geïnstalleerde capaciteit met een factor 200. Dit biedt natuurlijk ongekende mogelijkheden… De Nederlandse zonnesector is klaar om deze kansen te grijpen!

Momentum

Of de publiek-private-samenwerkingen waar de Nederlandse overheid op inzet beter zullen werken dan de innovatieaanpak tot nu toe, moeten we afwachten. Maar het hogedrukpan-proces van samen plannen maken heeft gezorgd voor een gevoel van urgentie en een besef van gezamenlijk belang die wel eens in ons aller voordeel zouden kunnen werken, als we het momentum kunnen vasthouden.

Wim Sinke is programme development manager solar energy bij ECN