Proef met zeewierteelt in windparken

Op 29 februari vertrok van Texel een gevaarte van 20 bij 20 meter bedoeld voor de proefteelt van zeewier. De bestemming was een oud zandwingebied op 10 kilometer ten westen van het eiland. Adviesbureau Ecofys hoopt eind juni de eerste tonnen Hollands zeewier te kunnen leveren voor de productie van vis- en veevoer, biobrandstoffen en energie. ECN werkt samen met Ecofys en legt zich toe op het onderzoeken van de mogelijkheden voor bioraffinage van zeewier naar eiwitten, componenten voor biobrandstoffen en brandstof voor energieopwekking.


Het schip met de testmodule enkele uren voor de nachtelijke afvaart (foto Ecofys)

Voedsel en energie

Het zeewier levert voedingsstoffen en energie op. Zo haalt het Ierse bedrijf OceanFuel uit zeewier nu al eiwitten die geschikt zijn als vervanging voor vis- en veevoer. Bij grootschalige productie op zee kunnen grote landarealen aan sojaproductie vervangen worden. Deze combinatie van duurzame voedsel- en energieproductie past goed in de gedachte van de ‘bio-based economy’. Het gaat hier om offshore renewables in de breedste zin van het woord.

Plantjes

De innovatieve zeewierteeltmodule bestaat uit een geheel van stalen kabels die twee meter onder water worden gehouden door ankers en drijvende boeien. Tussen de kabels hangen horizontale netten van 10 bij 10 meter. Aan die netten zijn kleine plantjes bevestigd van zeewieren die van nature in de Noordzee voorkomen. Uit de proef moet blijken hoe ‘Noordzeebestendig’ de module is, hoe de plantjes het gaan doen en wat de ecologische effecten zijn. Als de proef slaagt, hebben de projectpartners een wereldwijde mijlpaal bereikt: offshore teelt van biomassa (bio-offshore).

Natuurpark op zee

De proef moet ook aantonen dat de module geschikt is voor zeewierteelt in offshore windparken. In potentie vormen zeewier en windturbines een goede combinatie. Een windpark is afgesloten voor scheepvaart en visserij. Daardoor is het een soort natuurpark op zee. Vissen zullen op de zeewiervelden af komen en ze gebruiken als beschutte plaats en zelfs als kraamkamer. Zeker als de velden hectares groot worden, wat in theorie mogelijk is.

Partners

De module is tot stand gekomen in een consortium met Ecofys, ECN, Eneco, BLIX, Van Beelen Netting, Pipelife, OceanHarvest, VIRO en De Vries & Van de Wiel. Het NIOZ heeft de bouw van de module gefaciliteerd in zijn kennishaven, ondersteund door Noord-Hollandse uitvoerders. Voor financiering zorgde het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, dat via Agentschap NL een zogenaamd Small Business Innovation and Research (SBIR) regeling heeft opgezet voor onderzoek naar zeewierteelt.