Schone economie in 2050 vergt samenwerking over de grens

Om de uitstoot  van broeikasgassen voldoende terug te dringen is Nederland afhankelijk van samenwerking met het buitenland. Dit geldt zowel voor het uitwisselen van schone energie als voor de import van biomassa en de opslag van afgevangen CO2.

Onderzoekers van ECN en het Planbureau voor de Leefomgeving constateren dit in hun rapport Naar een schone economie in 2050: routes verkend. In opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu werkten zij honderden scenario’s uit waarmee Nederland in 2050 zijn CO2-uitstoot met 80 procent kan terugdringen. Dit is de minimaal noodzakelijke reductie die nodig is in westerse landen om de klimaatopwarming binnen de 2° Celsius te houden.

Vier elementen

Nederland kan het beste inzetten op een combinatie van vier elementen, concluderen de onderzoekers: energiebesparing, inzet van biomassa als energiebron, afvang en opslag van broeikasgassen, en gebruik van schone elektriciteit. Geen van de laatste drie sporen kan Nederland alleen volgen.

Bio-energie

De enige biomassa van Nederlandse bodem die gebruikt kan worden als energiebron zal waarschijnlijk afval zijn; het is onwaarschijnlijk dat dure Nederlandse grond voor de kweek van energiegewassen zal worden gebruikt. Dit betekent dat we onze biomassa voor een belangrijk deel uit het buitenland zullen moeten importeren. Als we dit duurzaam willen doen, bijvoorbeeld zonder ervoor verantwoordelijk te zijn dat tropisch regenwoud wordt omgezet in landbouwgrond, moeten we ons nu al bezinnen op duurzaamheidscriteria en mogelijke aanvoerroutes.

CO2-opslag

Afvang van broeikasgassen bij grote industriële installaties is een essentieel onderdeel van een duurzaam energiebeleid. Deze gassen moeten veilig ondergronds worden opgeslagen. Hoewel Nederland zelf over een redelijke opslagcapaciteit beschikt in lege gasvelden, is deze niet met zekerheid voldoende om langdurig de gewenste hoeveelheid CO2 op te slaan. Het noordelijk deel van de Noordzee biedt mogelijk uitkomst. Daar is in theorie genoeg capaciteit om voor heel Europa decennialang broeikasgassen op te slaan. Hiervoor moet, naast onderzoek over de geschiktheid van deze plekken in de praktijk, samenwerking worden gezocht met Noorwegen.

Groene stroom

Het winnen van hernieuwbare elektriciteit uit zon of wind is een van de noodzakelijke elementen voor een schone economie in 2050. Naarmate een groter deel van onze elektriciteitsvoorziening groen is, wordt deze minder voorspelbaar en beperkt regelbaar. Dit kan worden opgevangen door elektriciteit uit te wisselen met het buitenland als er tijdelijk te veel of te weinig van is. Dan kan bijvoorbeeld windenergie naar het centrale en oostelijke deel van Europa worden geëxporteerd, of waterkracht uit Scandinavië en zonnestroom uit Spanje geïmporteerd. Het versterken van de uitwisselingscapaciteit tussen Europese landen zien de onderzoekers als een belangrijke oplossingsrichting: hoe groter de schaal waarop wordt samengewerkt, des te minder grillig zijn de vraag- en aanbodpatronen.

 

Lees het persbericht over het rapport van ECN en PBL.

Bekijk een korte film waarin het rapport wordt toegelicht.

Lees het volledige rapport Naar een schone economie in 2050: routes verkend.