ECN: Veiligheid

ECN

Elektriciteitsproductie - Centrale productie

Feiten en Gegevens over Kernenergie

Hoe wordt de veiligheid van de technologie gewaarborgd?

Bij elk van de processen van de splijtstofcyclus is er een kans op een ongeval waarbij een hoeveelheid radioactieve stoffen ongecontroleerd in de omgeving terecht komt. Om zowel de kans op een dergelijk ongeval als de hoeveelheid radioactieve stoffen die hierbij zou vrijkomen te beperken, worden er bij de processen van de splijtstofcyclus een groot aantal technische en organisatorische maatregelen toegepast. De eisen hiervoor zijn in de loop van de jaren steeds verder aangescherpt. Hierbij speelt het Internationaal Atoom Energie Agentschap van de Verenigde Naties in Wenen (IAEA) een grote rol. De IAEA, die toezicht houdt op het gebruik van nucleaire technologie en materialen, stelt onder meer veiligheidsstandaarden op. Deze standaarden zijn gebaseerd op het defense in depth principe. Hierbij wordt een strategie van veiligheidsmaatregelen en veiligheidsvoorzieningen gehanteerd met als uiteindelijke doel te voorkomen dat enig menselijke handeling, mechanisch falen of combinaties daarvan tot gezondheidsschade van omwonenden zal kunnen leiden. Aan het defense-in-depth principe wordt uitvoering gegeven door het aanbrengen van meerdere beveiligingslagen. Deze bestaan uit fysieke barrières (als ook de beveiliging daarvan), veiligheidssystemen en organisatorische maatregelen.

Bij de verschillende reactortypen worden verschillende veiligheidsfilosofieën gevolgd. Reactortypen van de derde generatie gaan uit van dezelfde defense-in-depth veiligheidsfilosofie als bestaande kerncentrales waarbij aanvullende veiligheidssystemen zijn aangebracht. De veiligheidsfilosofie is gebaseerd op actieve en passieve veiligheidssystemen. Actieve systemen staan onder normaal bedrijf uit en worden pas aangezet (geactiveerd) als dit voor de veiligheid nodig is. Passieve systemen maken gebruik van altijd aanwezige krachten, zoals de zwaartekracht, die ervoor zorgen dat veiligheidssystemen ingrijpen als dat nodig is. Bij reactortypen van generatie III+ wordt een andere veiligheidsfilosofie gehanteerd die toepassing van aparte veiligheidssystemen overbodig maakt. Bij inherente veiligheid is de reactor en de toegepaste splijtstof zodanig ontworpen dat een ongecontroleerde reactiviteitsexcursie (een toename van de reactiviteit), waarbij de reactorkern beschadigd wordt, niet mogelijk is, en de reactor zichzelf veilig uitschakelt bij het uitvallen van de koeling. Bij wegvallen van de koeling blijft de reactorkern intact en is het smelten van de kern fysiek onmogelijk gemaakt.

ECN, Postbus 1, 1755 ZG Petten, tel. 0224 56 4949  |   Disclaimer  |  Privacy Statement