Nieuwe zwaartepunten, nieuwe structuur
In de afgelopen 50 jaar heeft ECN zich ook in zijn structuur naar de nieuwe uitdagingen gevoegd. Tot begin jaren ’80 wordt ECN beloond voor werk dat wordt verricht (input gefinancierd) en niet afgerekend op resultaat (output gefinancierd). Dat gaat veranderen. De overheid wil meer resultaat zien van het geld en wil tegelijkertijd nog maar een deel van het onderzoeksbudget voor haar rekening nemen. ECN krijgt opdracht om door middel van contractonderzoek veel meer geld te verwerven van anderen dan de Nederlandse overheid. In 20 jaar tijd groeit het aandeel van deze ‘derdenfinanciering’ van 10% naar 60%.
Een andere wijziging in de structuur betreft de vorming van business units in 1990. Harry van den Kroonenberg treedt in 1989 aan als nieuwe directeur en zet binnen enkele maanden een krachtige stempel op de organisatie. Hij constateert dat de organisatie niet in lijn is met het meer commerciële karakter dat nodig is om contractonderzoek tot een goed einde te brengen. De business units worden in het leven geroepen om een zakelijke benadering van het onderzoekswerk te bevorderen; ze worden afgerekend op hun financieel resultaat en moeten zich daarom meer rekenschap geven van de wensen van klanten, en van kosten en opbrengsten van het werk.

Later, eind jaren '90, blijkt de business unit structuur ook nadelen met zich mee te brengen voor samenhang en effectiviteit van het onderzoek. Het werk van ECN wordt weer sterker in relatie gebracht met het overheidsbeleid en de mate waarin programma’s bijdragen aan beleidsdoelen wordt belangrijker. Deze beleidsdoelen worden ook explicieter geformuleerd. ECN moet enerzijds invulling geven aan de transitie naar een duurzame energievoorziening en anderzijds een rol spelen in de kenniseconomie.
Deze rol wordt in 1999 bij een grote evaluatie van grote technologische instituten nog eens door het kabinet benadrukt. ECN moet, aldus het kabinet, ‘uitdrukkelijk geen marktorganisatie’ worden. Het werk moet een relatie houden met het overheidsbeleid en ‘alle marktgerichte activiteiten moeten dan ook een eenduidige relatie vertonen met de lange termijn oriëntatie van het instituut’. Maar de klok wordt niet terug gezet. ECN moet zich óók op de markt blijven richten en producten ontwikkelen die voor de Nederlandse economie van belang zijn.
Volgende Pagina