ECN: Klimaatneutraal de weg op

ECN

Effectieve klimaatacties in ontwikkelingslanden

Tijdens de klimaattop in Kopenhagen zegden de rijke landen 100 miljard dollar toe aan de arme landen om broeikasgassen terug te dringen (Foto: AFP).

Een jaar geleden beloofden de geïndustrialiseerde landen in Kopenhagen aan ontwikkelingslanden geld, technologie en expertise opdat ook zij kunnen bijdragen aan het terugdringen van broeikasgassen. Hoe kan die inzet het beste worden besteed en hoe houden we bij wat het effect ervan is? Dat zijn sindsdien cruciale vragen in de klimaat-onderhandelingen. Stefan Bakker van ECN Beleidsstudies helpt mee om antwoorden te vinden.

Tien miljard euro per jaar tot 2012, in de jaren tot 2020 aangroeiend tot 100 miljard euro per jaar. Dat is wat de geïndustrialiseerde landen op de klimaattop van 2009 toezegden aan ontwikkelingslanden om ook daar iets te doen aan de opwarming van de aarde. Of het genoeg is of niet, of er alleen maar geschoven wordt met geld van reguliere ontwikkelingshulp naar deze ‘klimaatgelden’ en of de beloofde bedragen ook werkelijk op tafel gaan komen, daarover verschillen de meningen. Het lijkt er in elk geval wel op dat er met deze toezegging een stap in de goede richting is gezet. Westerse hulp is immers nodig om de minder rijke landen te helpen hun economische ontwikkeling een duurzame richting te geven. Want duurzaam is het sleutelwoord: het terugdringen van CO2-uitstoot is voor ontwikkelingslanden pas interessant als de westerse middelen óók worden ingezet voor doelen als duurzame industrialisatie, schonere lucht, werkgelegenheid en energievoorzieningszekerheid.

Meer aandacht voor duurzaam transport
Stefan Bakker van ECN Beleidsstudies verkende in opdracht van de Asian Development Bank en de Inter-American Development Bank hoe de klimaatgelden effectief kunnen worden ingezet. Een van de aanbevelingen is om meer aandacht te besteden aan het opzetten van duurzame verkeerssystemen. “Nu is het daarvoor een goed moment”, zegt Bakker. “Verkeersstromen in ontwikkelingslanden groeien razendsnel; dagelijks komen er duizend auto’s bij. En met elke nieuwe auto groeien ook de CO2-uitstoot en de luchtvervuiling.” Van de hoeveelheid broeikasgassen die wereldwijd in de atmosfeer komt, neemt transport inmiddels 14 procent voor zijn rekening. En toch gaat van de inzet ter bestrijding van CO2-uitstoot via emissiehandel tot nu toe slechts 0,5 procent naar die sector. Veel te weinig, volgens Bakker. Hij pleit ervoor om dit aandeel drastisch te verhogen en meer in overeenstemming te brengen met het aandeel van de transportsector in de totale uitstoot van broeikasgassen.

Doordacht beleid
Er zijn allerlei mogelijkheden om transport duurzaam te maken, vooral in grote steden. Denk bijvoorbeeld aan het opzetten van goed openbaar vervoer: schone, grote, snelle bussen die hun eigen baan hebben op de weg en daardoor grote aantallen mensen efficiënt kunnen vervoeren. In Colombia, Bangkok en Jakarta werken die al goed. Denk aan een parkeerbeleid dat autogebruik ontmoedigt, aan de aanleg van fietspaden, of aan rekeningrijden.

 

Intensief netwerk van buslijnen brengt veel Colombianen van
het platteland naar grote steden (Foto: Expreso Palmira).

Door een doordacht pakket aan beleidsmaatregelen met steun van rijkere landen kan in deze bepalende fase het personenvervoer in steden in een duurzame richting worden gestuurd. Dat betekent niet alleen minder CO2-uitstoot, maar ook minder verkeersdoden, minder smog, minder files en beter vervoer voor iedereen.

Meetbaar en verifieerbaar
In opdracht van voorheen het ministerie van Infrastructuur & Milieu (voorheen VROM) deed ECN-Beleidsstudies ook onderzoek naar de wijze waarop de effecten van maatregelen om in ontwikkelingslanden CO2-uitstoot terug te dringen – de ‘nationally appropriate mitigation actions’ ofwel NAMA’s – kunnen worden gescreend. Dit is belangrijk, onderstreept Bakker. “In de eerste plaats om het vertrouwen tussen ontwikkelingslanden en de geïndustrialiseerde wereld te herstellen. Dat is op dit moment ver te zoeken. Vooral omdat de industrielanden de beloftes die ze in Kyoto hebben gedaan niet nakomen, maar ook omdat niet duidelijk is hoe het klimaatgeld in ontwikkelingslanden precies wordt besteed. En zonder vertrouwen wordt het heel lastig om ooit echte wereldwijde afspraken te maken over klimaatmaatregelen. Om weer een stabiele coalitie te krijgen is het nodig dat ieders bijdrage aan de oplossing van het klimaatprobleem meetbaar en verifieerbaar is.”

In Turkije houdt de UNDP zich bezig met NAMA's tijdens een workshop (Foto: New Horizons).

Methodologische aanknopingspunten
Stel dat een land besluit dat voortaan benzine voor 10 procent uit biobrandstoffen moet bestaan. Hoe controleer je dan of verkochte benzine inderdaad voor een tiende uit ethanol bestaat, hoe weeg je de kosten af tegen de baten en hoe bepaal je de CO2-reductie die deze maatregel oplevert? Of stel dat een land besluit om elk gezin een spaarlamp cadeau te doen. Welke aangrijpingspunten heb je dan om uit te rekenen wat dit aan verminderde CO2-uitstoot oplevert? Op basis van een jarenlange ervaring met onderzoek naar de effecten van beleidsmaatregelen kon ECN voor dit soort vragen methodologische aanknopingspunten voorstellen.

Bureaucratische monsters
Eén ding is duidelijk; het monitoren van maatregelen en hun effecten is nodig, maar je moet dat niet overdrijven. “Te veel nadruk op controle schept bureaucratische monsters, die veel te duur en te ingewikkeld zijn. Dat zou een verlammend effect kunnen hebben en effectieve maatregelen juist in de weg kunnen staan. Wanneer je een zekere mate van onzekerheid voor lief neemt, is het daarentegen goed mogelijk om met eenvoudige middelen de maatregelen in ontwikkelingslanden te monitoren.”

Cancun
De bevindingen van ECN dragen bij aan een beter begrip van emissiemonitoring, een belangrijk onderwerp tijdens de op handen zijnde klimaattop in Cancun. Een delegatie van ECN-Beleidsstudies is daar van de partij om presentaties te geven en enkele side events te organiseren. Stefan Bakker begint intussen naast zijn werk bij ECN met een promotieonderzoek aan de Universiteit Twente. Daarin wil hij verder onderzoeken hoe stedelijk transport in ontwikkelingslanden kan worden verduurzaamd en hoe het effect van de genomen maatregelen kan worden gemeten.

Contact
Stefan Bakker
ECN Beleidsstudies / Internationaal energie- en klimaatbeleid
Tel.: 022 456 40 21
E-mail: Stefan Bakker   

Tekst: Mariette Huisjes

Info
The Climate instruments for the transport sector
Monitoring emissions and actions in the post-2012 climate regime  

Dit ECN-Nieuwsbrief-artikel mag zonder toestemming worden gebruikt voor publicatie, mits verwezen wordt naar de bron: www.ecn.nl/nl/nieuws/newsletter-nl/

Tell a friend

News

MWT: On the eve of mass production

03.12.2012 -

4th MWT Workshop held in Amsterdam MWT (Metal Wrap Through) technology is ready for the...

>>

“Set Aside” can have substantial budget effects

29.11.2012 -

As of 2013, about half the carbon emission allowances for the energy companies and...

>>

Dutch 16% renewable energy target requires additional offshore wind farms and additional deployment of biomass in coal-fired plants

01.11.2012 -

The additional 2.4 billion budgeted for renewable energy by the new Dutch Rutte II...

>>

ECN Extra

ECN, P.O. Box 1, 1755 ZG Petten, tel +31 224 56 4949  |  Disclaimer  |  Privacy Statement