Waterstof is de toekomst
|
| Titel | : | Waterstof is de toekomst |
|---|---|---|
| Publicatie datum: | : | 4 maart 2004 |
| Trefwoorden: | : | H2, waterstof, EU, CUTE-project, HyWays, |
| Zie ook: | : | http://europa.eu.int/comm/research/energy/nn/nn_rt_htp1_en.html |
|
Europa mag niet bij Amerika en Japan achterblijven als het gaat om onderzoek naar waterstoftoepassingen en de toekomstige implementatie ervan. Kees van der Klein, adjunct-directeur ECN en lid van de EU Advisory Council van het 'Platform Waterstof- en Brandstofceltechnologie', onderschrijft ten volle deze uitspraak van EU-voorzitter Romano Prodi. |
|
Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) is met adjunct-directeur Kees
van der Klein als een van de twee leden uit Nederland, vertegenwoordigd
in de Advisory Council van het Platform Waterstof- en Brandstofceltechnologie.
Het Platform heeft als doel een zekere en veilige, op waterstof gebaseerde
economie te implementeren. Hiervoor heeft het een coördinerende rol
in de versnipperde en overlappende onderzoeksinspanningen in de verschillende
lidstaten.
Clean Urban Transport for Europe Het CUTE-project in Amsterdam, Barcelona, London, Luxemburg, Madrid, Porto, Reykjavik, Stockholm en Stuttgart met bussen op waterstof. Foto: René van den Burg. Zorgen over klimaatveranderingen en voorzieningszekerheid zijn de twee belangrijkste redenen voor de EU om onderzoek naar waterstoftoepassingen en brandstofceltechnologie te promoten. EU-voorzitter Romano Prodi zei in zijn openingstoespraak op de eerste platformvergadering: "In het huidige tempo zal Europa in 2025, 70 procent of meer aan energie in de vorm van olie importeren. En de huidige trend is niet duurzaam. Wij moeten als EU nu actie ondernemen om deze afhankelijkheid te beperken." Van der Klein: "Het is niet alleen belangrijk om de afhankelijkheid van olie te beperken, we moeten kijken naar de beschikbaarheid van alle fossiele brandstoffen. Maar voorlopig zijn de milieuaspecten van het gebruik van fossiele brandstoffen, een veel belangrijker argument om onze energievoorziening te verduurzamen. Daarbij denk ik niet alleen aan de klimaateffecten, maar zeker ook aan de stedelijke luchtkwaliteit. Waterstof- en brandstofceltoepassingen, zowel voor transport als stationair, moeten een integraal onderdeel worden van de toekomstig duurzame energievoorziening. De kennis op het gebied van waterstof- en brandstofceltechnologie is op dit moment gefragmenteerd en over een groot aantal landen verspreid. Vaak wordt het wiel op meerdere plaatsen tegelijk uitgevonden. Waterstof kan net zoals elektriciteit, uit verschillende energiebronnen geproduceerd worden. Voorlopig uit aardgas, eerst zonder en later met afvang van CO2, en uit biomassa. Door elektrolyse met zonne- en windstroom kan waterstof uit vernieuwbare bronnen worden geproduceerd, maar voordat dit commercieel aantrekkelijk wordt, zijn we wel wat decennia verder. Een andere niet te verwaarlozen mogelijkheid is natuurlijk nucleaire productie van waterstof. Op den duur kan waterstof de fossiele brandstoffen voor een groot deel vervangen. Maar voorlopig zullen fossiele brandstoffen niet verdwijnen. De komende 50 jaar zal waterstof hoofdzakelijk fossiel geproduceerd worden, en vergeet niet dat de energievraag in 2050 verdubbeld zal zijn, terwijl de meest optimistische schattingen uitkomen op een aandeel vernieuwbaar van 50 procent. De resterende 50 procent zal toch uit fossiele bronnen moeten komen." EU-voorzitter Prodi wil dat de overgang naar een Europese waterstofeconomie rond 2050 gestalte krijgt. "Daarom heeft Europa meer onderzoek nodig, meer proefprojecten en moeten we de regelgeving aanpassen." Prodi meent dat de verschillende partijen die zich met waterstof bezighouden meer moeten samenwerken. Van der Klein sluit zich daarbij van harte aan: "Met name Duitsland is een natuurlijke partner voor ons waar we graag mee samenwerken. ECN heeft een lange termijn visie met een helder doel: de transitie naar een duurzame energievoorziening, waarbij waterstof een heel belangrijke rol zal spelen."
Informatie:
|