[To ECN Homepage]  Advies voor aanpassing MEP-tarieven

  [Homepage ECN-Nieuwsbrief] --> [Artikel ECN-Nieuwsbrief]  

Titel : Advies voor aanpassing MEP-tarieven
Publicatie datum: : 26 september 2003
Trefwoorden: : MEP, EZ, advies, tarieven, subsidie, productie, elektriciteit, milieu
Zie ook: : http://www.renewable-energy-policy.info/mep/2004.html

ECN en KEMA adviseren EZ om enkele subsidietarieven voor groene elektriciteit aan te passen. In het voorstel krijgen windenergie op land en zuivere biomassa in elektriciteitscentrales een lager tarief, en vervalt de vergoeding voor diermeel in kolencentrales.

In opdracht van het Ministerie van Economische Zaken (EZ) hebben het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) en KEMA de subsidietarieven voor duurzame (‘groene’) elektriciteit onderzocht. In het kader van de wet voor de Milieukwaliteit van de Elektriciteitsproductie (MEP) stelt EZ deze tarieven binnenkort vast voor 2004 en 2005. In een rapport presenteert ECN een advies om in de huidige regeling drie MEP-tarieven aan te passen voor 2004 en 2005. Voorstel is om de vergoeding voor windenergie op land vanaf 2005 licht te laten dalen, en om die voor de grootschalige inzet van zuivere biomassa in elektriciteitscentrales vanaf 2004 eveneens te verlagen. Tevens is het voorstel om meestoken van diermeel in centrales niet meer in aanmerking te laten komen voor een MEP-vergoeding. Dit advies is tot stand gekomen nadat marktpartijen uit de elektriciteitssector commentaar hebben gegeven op een concept advies. EZ wil op basis hiervan de tarieven voor de komende twee jaar vaststellen.

ECN en KEMA hebben afgelopen maanden de huidige en toekomstige kostenontwikkelingen van duurzame elektriciteit (d.w.z. uit duurzame bronnen zoals wind, zon en biomassa) in kaart gebracht. Hierbij zijn ze uitgegaan van criteria van EZ: de subsidieregeling moet zo effectief mogelijk zijn en aansluiten met huidige markttrends en technologische vooruitgang. ECN en KEMA hebben de zogeheten ‘onrendabele toppen’ berekend met dezelfde rekenmethode als voor de MEP-tarieven van 2003. Dit resulteerde in een rapport met een concept advies, dat is voorgelegd aan marktpartijen in de elektriciteitssector. ECN en KEMA hebben het commentaar verwerkt waarna ze een eindadvies hebben opgesteld. De marktconsultatie en het eindadvies zijn vastgelegd in twee afzonderlijke rapporten, die beiden naar EZ zijn verstuurd.


Indicatieve MEP-subsidies voor 2004 en 2005 op basis van onrendabele topberekeningen

Advies
In het eindadvies stelt ECN voor om de vergoeding voor windenergie op land vanaf 2005 te verlagen van 4,9 naar 4,8 eurocent per kilowattuur. Deze subsidie daalt als gevolg van afnemende investeringskosten. Daarnaast adviseert ECN om de vergoeding voor het meestoken van zuivere biomassa in elektriciteitscentrales voor 2004 en 2005 te verlagen van 4,8 tot 4,1 eurocent per kilowattuur. Hoewel de brandstofkosten hoger uitvallen dan eerst was vastgesteld, zorgt een verkorting van de economische levensduur van meestookprojecten van vijftien naar tien jaar toch voor een lagere vergoeding. Verder krijgt inzet van diermeel in kolengestookte centrales geen vergoeding meer, omdat sprake is van een veel lagere onrendabele top. Voor de overige opties adviseert ECN om de huidige tarieven te handhaven op het niveau van 2003.

Tijdens de rapportage was nadere informatie over een verlaging van de vrijstelling voor de Regulerende Energiebelasting (REB, ook wel ecotax genoemd) zoals dat op Prinsjesdag is voorgesteld, nog niet bekend. Hierdoor is bij de berekening van de MEP-tarieven uitgegaan van de huidige vrijstelling van 2,9 eurocent per kilowattuur. Er is dus geen rekening gehouden met een eventuele compensatie door aanpassing van de MEP-tarieven.

Tijdens de marktconsultatie is nieuwe informatie over operationele kosten bij afvalverbrandingsinstallaties (AVI´s) aan het licht gekomen. Vooralsnog ontbreekt echter een consistent beeld over de samenhang tussen onderhoudskosten, afvaltarieven en andere kostenposten die hiermee te maken hebben. Omdat ECN en KEMA nog niet beschikken over een dergelijk consistent beeld, kunnen ze op dit moment geen nieuwe objectieve basis vaststellen voor de berekening van onrendabele toppen van AVI´s. Ze adviseren om nader onderzoek te doen naar de kosten van duurzame elektriciteitsproductie op basis van nieuwe initiatieven in de markt.

Meer informatie:
ECN-rapport ‘Onrendabele toppen van duurzame elektriciteitsopties. Advies ten behoeve van de vaststelling van de MEP-subsidies voor 2004 en 2005’ (ECN-C—03-085). Auteurs zijn Emiel van Sambeek en Theo de Lange van ECN Beleidsstudies en Walter Ruijgrok en Edward Pfeiffer van KEMA.
Het rapport is te downloaden via http://www.ecn.nl/library/reports/2003/c03085.html

ECN-rapport ‘Uitkomsten marktconsultatie technisch-economische parameters van duurzame elektriciteitsopties. Overzich van de uitkomsten van de consultatie naar aanleiding van het concept advies inzake de aannames voor de onrendabele topberekeningen ten behoeve van de vaststelling van de MEP-subsidies voor 2004 en 2005’ (ECN-C—03-063). Auteurs idem bovenstaand rapport.
Dit rapport is te downloaden via http://www.ecn.nl/library/reports/2003/c03063.html

ECN-rapport ‘Technisch-economische parameters van duurzame elektriciteitsopties. Concept advies inzake de inputs voor de onrendabele topberekeningen ten behoeve van vaststelling van de MEP tarieven 2004 en 2005’ (ECN-C—03-078). Auteurs idem bovenstaand rapport.
Dit rapport is te downloaden via http://www.ecn.nl/library/reports/2003/c03078.html

Contact:
ECN Beleidsstudies
Emiel van Sambeek
0224 – 56 4227
vansambeek@ecn.nl


Update: 26 september 2003