[To ECN Homepage]  Windenergie op zee neemt hoge vlucht

  [Homepage ECN-Nieuwsbrief] --> [Artikel ECN-Nieuwsbrief]  

Titel : Windenergie op zee neemt hoge vlucht
Publicatie datum: : 31 juli 2003
Trefwoorden: : windenergie, zee, offshore, park, plaatsing, groei, Europa, Nederland
Zie ook: : http://www.ecn.nl/library/reports/2003/c03058.html

Het opwekken van windenergie op zee neemt de komende jaren een hoge vlucht. Dat volgt uit een overzichtsrapport van ECN, waarin bestaande en geplande offshore windparken worden vermeld.

Het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) heeft een overzicht opgesteld van alle bestaande en toekomstige windmolenparken op zee. Hieruit blijkt dat Europa in 2006 kan beschikken over meer dan drieduizend megawatt (MW) aan offshore windvermogen. (Ter vergelijking: een dergelijk vermogen zou drie miljoen huishoudens van duurzaam opgewekte elektriciteit kunnen voorzien). Deze verwachting betekent een forse groei van het huidige vermogen aan windenergie op zee. Dat is de conclusie van een rapport van ECN, dat tot en met juni 2003 is bijgewerkt.

Eind 2002 bedroeg het opgestelde windvermogen op Europese wateren 256 MW. Dit vermogen is voornamelijk afkomstig van windmolenparken op de Noordzee en de Oostzee. Meer dan de helft van het vermogen komt op rekening van het Deense windpark Horns Rev, dat in 2002 in gebruik is genomen en goed is voor 160 MW. De komende jaren zal het offshore windvermogen drastisch stijgen, aangezien veel geplande windmolenparken, die nu nog in een ontwikkelingsstadium verkeren, zullen worden bijgeplaatst. Als deze parken daadwerkelijk volgens plan worden gerealiseerd, bedraagt eind 2006 de capaciteit van alle offshore windparken bij elkaar 3,2 tot 3,4 gigawatt (gemiddeld 3300 MW).


Prognose van offshore windvermogen tot 2006, gebaseerd op projecten waarvan een tijdschema bekend is

Nederland
Ook in Nederland staan nu al offshore windparken, hoewel het niet gaat om windturbines in de Noordzee, maar in het IJsselmeer. Bij Medemblik staat 2MW-park Lely met vier windturbines van 500 kilowatt per stuk, en bij Dronten staat park Irene Vorrink met 17 MW (28 turbines van ieder 600 kW). Op dit moment bevinden zich twee Nederlandse projecten in de planningsfase, te weten voor de kust van Egmond aan Zee het Nearshore Wind Park (NSW) van het Shell-Nuon-consortium Noordzeewind en ter hoogte van IJmuiden het park Q7-MP van E-Connection. De eerst gaat een vermogen leveren van 99 MW, de tweede krijgt een capaciteit van 120 MW, dus samen zijn ze goed voor 219 MW.

Trendbreuk
De stormachtige ontwikkeling voor de komende jaren steekt schril af bij de trend van de afgelopen tien jaar. Tussen 1991 en 2003 bedroeg de gemiddelde jaarlijkse groei van offshore windenergie meer dan veertig procent. Wanneer alle plannen in het overzicht ook volgens het geplande tijdschema worden uitgevoerd, bedraagt de gemiddelde jaarlijkse groei van 2003 tot en met 2006 bijna negentig procent. Ook voor de periode na 2006 zijn er nog plannen. In het rapport worden voor meer dan 15 gigawatt aan projecten opgesomd. Van deze projecten is echter vaak geen gedetailleerde informatie beschikbaar, waardoor ze niet zijn meegenomen in de verwachting voor de korte termijn.

Meer informatie:
ECN-rapport ‘Offshore wind power developments. An overview of realisations and planned projects’ door Luuk Beurskens en Manuel de Noord van ECN Beleidsstudies.
Het rapport is te downloaden via http://www.ecn.nl/library/reports/2003/c03058.html

Contact:
Luuk Beurskens
ECN Beleidsstudies
0224 – 56 4789
bs@ecn.nl


Update: 31 juli 2003